17 april 2012

Vindbaarheid van afbeeldingen uit beeldbanken

google_vindenVindbaarheid is volgens Digitaal Erfgoed Nederland: “het digitaal beschikbaar stellen van informatie over erfgoed op basis van gangbare technologie, zodanig dat deze zonder kennis vooraf kan worden hergebruikt door zowel mens als machine” (bron: DE BASIS). In dit artikel staat de vindbaarheid van materiaal in beeldbanken centraal. Concreet: is het beeldmateriaal van archieven ook via Google te vinden?

Google en Google Afbeeldingen

Google’s zoekmachine is heel uitgebreid, naast de algemene zoekfunctie kun je ook specifiek zoeken naar afbeeldingen, video’s, boeken, plaatsen. Kun je algemene zoekopdrachten beperken qua locatie, taal en periode, de afbeeldingen kun je beperken op formaat, kleur, type (gezicht, foto, tekening) en je kunt zelfs een afbeelding aanbieden om soortgelijke afbeeldingen te vinden. Een ideaal hulpmiddel dus voor de (stamboom)onderzoeker.

Voor een viertal archieven is bekeken hoe het staat met de vindbaarheid van hun beeldmateriaal. En dan niet via de zoekmachine op hun eigen site, maar via Google!

Archief Leiden

Via een zevental collecties biedt Archief Leiden toegang tot het beeldmateriaal dat zij ter beschikking hebben, waaronder de eigen RAL collectie met zo’n 125 duizend kaarten, foto’s en prenten.

Schoondergang Conservenfabriek

Eén van de foto’s (helaas met watermerk) is een afbeelding van de Soondergang Conservernfabriek. Wanneer je in Google zoekt op “Andijvie vullen in 3-liter blikken” (dit staat in de beschrijving van de foto), dan is er één zoekresultaat. Mooi, Google heeft de betreffende afbeelding geïndexeerd!

Helaas, wanneer je op het zoekresultaat in Google klikt kom je niet op de juiste pagina, maar ook een print versie van de pagina die direct de Print dialoog van de browser activeert! Van dit euvel hebben meer archiefwebsites die dezelfde software gebruiken last.

Wanneer je in Google Afbeeldingen zoekt naar Schoondergang Conservenfabriek dan vind je heel wat afbeeldingen van de betreffende fabriek op de Archief Leiden website (en ook op andere websites). Eigenlijk tot mijn grote verbazing, want wanneer je zoekt naar site:www.archiefleiden.nl (dus betekent: geef alle afbeeldingen van het domein www.archiefleiden.nl) dan worden er maar 369 afbeeldingen gevonden. Voor site:www.regionaalarchiefleiden.nl zijn er 363 zoekresultaten. Maar zoeken op site:www.leidenarchief.nl toont wel zo’n 8.040 resultaten! Advies: ga voor één domeinnaam en verwijs van de andere/oude naar die ene.

Zeeuw Archief

Het Zeeuws Archief is druk doende om haar beeldmateriaal collectie van meer dan 100 duizend foto’s, prenten, tekeningen en prentbriefkaarten te digitaliseren. Om dit moment zijn er zo’n 37 duizend afbeeldingen doorzoekbaar en in te zien via haar website (die hiervoor gebruik maakt van Archieven.nl).

De afbeelding (na op het Zeeuws Archief te hebben gezocht op spinazie) die via Google teruggevonden moest worden was er één van vier mannen die spinazie aan het dorsen zijn met een maaidorsmachine op landbouwgrond bij Westkapelle (ook hier met watermerk). Helaas, via Google en Google Afbeeldingen is de betreffende afbeelding niet vinden.

De zoekopdracht site:www.zeeuwsarchief.nl  levert bij Google Afbeeldingen slechts 475 zoekresultaten. site:www.archieven.nl levert zo’n 93.600 resultaten op, dus wellicht is het geduld hebben, totdat de spiders van Google ook de afbeeldingen van het Zeeuws Archief aldaar hebben geïndexeerd.

Gemeentearchief Rotterdam

De Beeld en geluid sectie op de website van Gemeentearchief Rotterdam (GAR) biedt toegang tot ruim 108 duizend afbeeldingen. Een prentbriefkaart van Bleiswijk. Warmoeziersbedrijven (zonder watermerk!) was de te vinden afbeelding op Google. De prentbriefkaart was terug te vinden, maar op een andere website (randenberg.com), geen versie op de GAR website. Een andere foto (Distributiekraak Nijkerk - ration office raid at Nijkerk) was wel vindbaar, ook via Google Afbeeldingen. De zoekopdracht site:gemeentearchief.rotterdam.nl levert op Google Afbeeldingen zo’n 62.600 afbeeldingen, dus een deel zal gewoon nog geïndexeerd moeten worden.

Wat wel opvalt is dat de zoekresultaten niet leiden naar de pagina van de betreffende foto, maar naar een zoekresultaatpagina op de GAR website waar de gezochte foto er dan één van is. Dit is natuurlijk niet handig, je wilt direct op de detailpagina komen!

GaHetNa (Nationaal Archief/Spaarnestad Photo)

De Afbeeldingen sectie op GaHetNa geeft toegang tot ruim 500 duizend foto’s en ruim 6 duizend kaarten.

Het m.s. Oranje voor het vervoer van repatrianten aangemeerd in de haven van Tan…

De foto van m.s. Oranje in de haven van Tandjong Priok op GaHetNa (zonder watermerk!) wordt goed gevonden met Google Afbeeldingen. Wanneer je op een zoekresultaat klikt kom ke op de GaHetNa website op de pagina die over de betreffende pagina gaat. Zoals hoort het! Ter informatie: site:www.gahetna.nl levert op Google Afbeeldingen 327 duizend resultaten.

Deelbaarheid

Een aspect die de vindbaarheid van afbeeldingen positief beïnvloed is de mate waarin het delen mogelijk gemaakt cq. gestimuleerd wordt. In dit artikel zijn twee afbeeldingen opgenomen, simpel weg omdat Archief Leiden en GaHetNa het mogelijk maken om makkelijk een afbeelding te embedden, inclusief link terug naar de detailpagina op de betreffende pagina.

Het adres van een afbeelding (de detailpagina) is ook van belang. Onderzoekers zullen dit adres moeten noteren en opnemen in hun onderzoek. De “mooie URL” van de afbeelding bij Archief Leiden is http://archiefleiden.nl/lei:col4:dat611:id127. Ter vergelijking de niet-gebruikersvriendelijke URL van de afbeelding bij het GAR: http://collecties.gemeentearchief.rotterdam.nl/publiek/detail.aspx?xmldescid=2861366&tag=afbeeldingen;beeld;geluid;algemeen;video;film;bestellen&view=lijst&volgnummer=0&positie=4&beschrijvingssoort=1122%201090%201137%201182%201272%201302%201242%201197%201227%201152%201167%201287%201212%201257&doc_beschrijvingssoort=1227&[ARGS_PLACEHOLDER] (het merendeel is overigens overbodig).

Het directe adres van de afbeelding van het Zeeuws Archief (of Archieven.nl)? Helaas, het is niet mogelijk om direct te linken naar een afbeelding bij Zeeuws Archief…

Bij GaHetNa gaan ze nog een stapje verder dan Archief Leiden. Hier hebben ze gekozen voor het gebruiken van persistente URL’s. De URL van de hierboven getoonde afbeelding op GaHetNa is http://proxy.handle.net/10648/aee6392e-d0b4-102d-bcf8-003048976d84 Het adres is dus losgekoppeld van www.gahetna.nl! De “proxy.handle.net” website weet wat het juiste adres is van de afbeelding en stuurt de gebruiker daar heen. Als nu in de toekomst de website van het Nationaal Archief een andere (domein)naam krijgt dan wordt dit doorgegeven aan de “proxy.handle.net” website waardoor alle adressen blijven werken.

Pinterest

Als je het over delen van afbeeldingen hebt dan denk je wellicht direct aan de nieuwe service (of hype?) Pinterest. Pinterest is een virtueel prikbord waarbij gebruikers foto’s en afbeeldingen kunnen delen. Het doel van Pinterest is om iedereen hun interesses visueel te laten delen. De installatie van een button in een browser maakt het makkelijk om de afbeeldingen te delen (te pinnen) op je eigen board. Anderen kunnen de re-pinnen of voorzien van commentaar, heel sociaal.

Zoals mijn eigen Genealogie board laat zien kun je van alle hierboven genoemde archieven de afbeeldingen te pinnen (en grappig genoeg via Pinterest kun je dan weer de afbeelding embedden, ook die van het Zeeuws Archief en Gemeentearchief Rotterdam). Toch gaat het pinnen niet overal goed. Bij het Gemeentearchief Rotterdam kun je op de detailpagina van een afbeelding de afbeelding gewoon pinnen. Na het klikken op de Pinterest knop wordt de afbeelding getoond, deze kun je dan aanklikken om te pinnen, zo hoort het.

Bij de Archief Leiden en GaHetNa is het niet direct mogelijk om te pinnen. Dit komt doordat er een op Flash gebaseerde viewer wordt gebruikt. De work-around is om via de zoekresultaatpagina van de betreffende website te pinnen. Wil je een afbeelding van het Zeeuws Archief pinnen dan moet je dit via Archieven.nl doen (en ook daar is het alleen mogelijk via de zoekresultaten pagina).

Conclusie

Voor archieven (en hun leveranciers): een goede zoekmachine op de eigen website volstaat niet in het goed vindbaar maken van de (beeld)collectie van archieven. Zorgdragen dat zoekmachines als Google het materiaal kunnen indexeren (Search Engine Optimization) is ook erg belangrijk.

Archief
Leiden

Zeeuws Archief

Gem.arch. Rotterdam

GaHetNa

Vindbaarheid via Google

matig
(door print)

slecht
(tijdelijk?)

redelijk

(niet detail)

goed

URL

mooi

geen directe URL mogelijk

niet
mooi

persistent

Embedden

ja

nee

nee

ja

Watermerk

ja

ja

nee

nee

Pinterest

via zoek
resultaaten scherm

via zoek
resultaten archieven.nl

ja

via zoek
resultaten

Voor (stamboom)onderzoekzoekers: Google vindt veel, maar niet alles. Gebruik dus ook de zoekmachines die de archieven zelf bieden.

04 april 2012

Nederlandse archieven, kijk eens hoe het Amerikaanse NARA het aanpakt!

NARA LogoOp 2 april is in Amerika de volkstelling (‘Census’) van 1940 online beschikbaar gekomen. Een mooie (en zeer gewilde) bron voor genealogen. Dit artikel is vooral gericht op de Nederlandse archiefdiensten. Want hoe pakt deze operatie uit voor het Amerikaanse Nationale Archief?

Voor Amerikanen is de census essentieel voor hun stamboomonderzoek, zie Tamura Jones’ USA 1940 Census artikel voor meer informatie over deze bron.. De 16e volkstelling, die informatie geeft over ruim 132 miljoen Amerikanen uit 48 staten, mocht na 72 jaar openbaar gemaakt worden. Het National Archives and Records Administration (NARA) heeft de 4.745 microfilm rollen gedigitaliseerd, wat heeft geresulteerd in zo’n 3,8 miljoen afbeeldingen, goed voor 20 TeraBytes aan data. Qua digitaliseringskosten moet je dan denken aan een bedrag tussen de $300.000 en $500.000.

Het hosten van dit materiaal, dus opslag en bandbreedte en ontwikkelen van een website met zoekfunctionaliteit kost natuurlijk ook een aardige zak met duiten, tenzij je gewoon vraagt aan marktpartijen om dit gratis te doen en door het materiaal te verkopen…

Via een Request For Information (RFI) heeft het NARA in juni 2011 aan marktpartijen gevraagd om een ‘no-cost contract to provide managed hosting and online access to digital images of the 1940 Census’. Het contract is uiteindelijk gegund aan Inflection, het moederbedrijf van Archives.com. Sinds 2 april jongstleden is de 1940 Census door dit partnerschap via 1940census.archives.gov beschikbaar.

Maar de census is ook gewoon te koop! Via de Products pagina van NARA’s Archives.gov (niet te verwarren met het commerciële Archives.com) kun je de complete set microfilm rollen kopen voor $580.750. De complete digitale variant kun je via een eenvoudig formulier kopen voor maar $200.000. Wil je alleen de census van bepaalde staten dan kan dat ook.

Maar ja, wie legt die enorme bedrag neer voor deze bron? Op dit moment al zeker 5 bedrijven:

  • Ancestry.com
  • FamilySearch
  • FindMyPast
  • MyHeritage
  • RootsPoint.com

Waarom bedrijven dit hebben gekocht? Het is een hele populaire bron dus het is een lokkertje voor gebruikers van hun eigen diensten. Zij kunnen de census bijvoorbeeld via “smart matching” aan gepubliceerde stambomen linken.

Hoe populair de bron was had ook het NARA verkeerd ingeschat. In hun RFI stond als requirement dat de website 10 miljoen hits per dag aan moest kunnen (en 25.000 concurrent user). In de eerste 3 uur dat de website live was kreeg de website zo’n 22,5 miljoen hits (1,9 miljoen gebruikers) te verduren. Ook al gebruikt Archives.com de schaalbare service Amazon S3 als opslag, de site werd op z’n knieën gebracht door de ruim 100.000 verzoeken per seconde (voor afbeeldingen van meer dan 10MB). Archives.com schreef hierover: "We were expecting a flood, but we got a tsunami."

De partijen die de Census hebben aangekocht zijn de afgelopen dagen druk bezig geweest om de harddisks op te halen en de afbeeldingen via hun eigen websites beschikbaar te krijgen. Ancestry.com is één van de eerste die alles gratis op hun website aanbied, ook hun servers hadden het moeilijk om de aanloop van publiek te verwerken.

Voor de goede orde, we hebben het hier over de afbeeldingen en meta-informatie (vooral locatiegegevens, staat, plaats, enz.). De census is nog niet geïndexeerd op naam!

Maar ook daar wordt aan gewerkt. Archives.com organiseert, samen met findmypast en FamilySearch, het 1940 U.S. Census Community Project om deze bron te transcriberen (zou het NARA de index data krijgen?). Maar sommige bedrijven organiseren ook zelf het indexeren, zoals MyHeritage, die deze bron trouwens ook toegankelijk maakt op iPhone, iPad en Android!

Bovenstaande klinkt bijna te mooi om waar te zijn: een belangrijke bron waar het Amerikaanse Nationale Archief waarschijnlijk goed geld aan verdiend en dus kan investeren in nieuwe digitaliseringsprojecten, die geïndexeerd wordt en die op diverse plekken gratis wordt aangeboden aan genealogen met extra services op diverse platformen.

Tja, en dan de hamvraag: zou zoiets ook in Nederland werken?

03 april 2012

WieWasWie, een chronologisch overzicht

imageMedio april 2012 zal de website WieWasWie beschikbaar worden gesteld aan het publiek. De eerste voorbereidingen voor deze opvolger van Genlias begonnen in 2007, toen nog met als werktitel MijnVoorouders. Dit artikel poogt een feitelijk overzicht te geven van de belangrijkste mijlpalen en spelers in de ontwikkeling van dit vernieuwde landelijke platform voor historisch persoonsonderzoek.


1996-2006 Voorgeschiedenis
De geschiedenis van GenLias (een samentrekking van Genealogie en Lias) begint in 1996 toen het plan Familiegeschiedenis tot 1780 werd gelanceerd, één van de vernieuwingsprojecten van de toen nog sterk gecentraliseerde rijksarchiefdienst. In 1997 werd er voor het project Digitale Sleutel tot familiegeschiedenis het ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschap  (OC&W) zo’n 500 duizend gulden beschikbaar gesteld uit het Actieprogramma Elektronisch Snelwegen. De Genlias website is sinds juni 1998 online, eerst via www-lias.rad.archief.nl en sinds maart 2002 via www.genlias.nl.

2007 Voorverkenning
Het feit dat Genlias niet robuust genoeg was, niet de gewenste functionaliteit & informatieproducten bood en hoge beheerskosten kende vormden de aanleiding voor een voorverkenning.
Eind 2007 voerde ITHAKA in opdracht van Stichting Archiefprogrammatuur (STAP) een online onderzoek onder (potentiële) gebruikers van genealogische websites getiteld Online stamboomonderzoek: gebruikerservaringen, wensen en betalingsbereidheid.
Over Stichting Archiefprogrammatuur (STAP)
STAP is in 1989 door de erfgoedinstellingen opgericht. STAP richt zich op het beheer, ontwikkeling en exploitatie van landelijke samenwerkingsprojecten binnen de erfgoedsector met een technologiecomponent. Voorbeelden van reeds gerealiseerde projecten zijn WatWasWaar (historische informatie over topografische locaties in Nederland), de Archiefkaart (gebruikerspas voor toegang archieven) en ABS Archeion (archiefinformatiesysteem). STAP is een aanbestedende dienst, zij wordt namelijk gefinancierd door meer dan dertig erfgoedinstellingen en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
In dezelfde periode deed Daidalos in opdracht van STAP een technologische verkenning naar de technologische mogelijkheden voor de vernieuwing van Genlias. Het beoogde vernieuwde Genlias kreeg als werktitel MijnVoorouders.

2008 Visievorming
In april 2008 organiseerde STAP een bijeenkomst omtrent MijnVoorouders. Zij presenteerde een conceptvisie waarin Nederlandse erfgoedinstellingen met vereende kracht een nieuw landelijk platform voor historisch persoonsonderzoek wilden realiseren. Deze visie was opgesteld in samenspraak met vertegenwoordigers van de beoogde deelnemers, dit waren onder andere de deelnemers van Genlias, de Digitale Stamboom, gebruikers van software van Isis en Pictura en het Centraal Bureau voor Genealogie (CBG). Betrokken besluitvormers konden hun terugkoppeling geven op de visie en het accorderen, zodat aangevangen kon worden  met een verwervingstraject voor subsidie.

2009 Subsidie en aanbesteding
De totaal benodigde investering om het project MijnVoorouders te realiseren, gecalculeerd over 5 jaar, bedroeg 4 miljoen euro. Financiering van dit budget zou deels mogelijk zijn op basis van eigen bijdragen van deelnemende archieven en het genereren van inkomsten. Voor het andere deel wilde men gebruik maken van subsidie regelingen, waarbij een PRIMA aanvraag van zo'n 2 miljoen het grootste deel vormde. Deze projectsubsidie vanuit de interdepartementale subsidieregeling PRIMA van het ministerie van OC&W werd toegekend voor vijf jaar (2008-2013).
In september 2009 organiseerde STAP de presentatie van de eerste fase van het project MijnVoorouders. Het doel van de bijeenkomst voor deelnemende instellingen was om de resultaten van de eerste projectfase te presenteren en alle betrokkenen de gelegenheid te geven vragen te stellen en te reageren. Tijdens deze bijeenkomst werden ook het functioneel model, de huisstijl met userinterface (incl. folder), de communicatie- & marketingstrategie, het businessmodel waarin ook het concept van de one-stop-shop wordt geïntroduceerd (een terugverdienmodel is een verplichting vanuit de PRIMA regeling) en de usabilitytest gepresenteerd. Ook kregen een 3-tal “gebruikers” tijd in het programma om hun visie te delen, zowel Eric Hennekam, Arnold Vonk als Bob Coret deden dat in eigen stijl.
Waar in de vooraankondiging van genoemde bijeenkomst nog werd gesproken over MijnVoorouders bracht de uitnodiging aan deelnemers een nieuwe naam: WieWasWie. Leuk detail: in de subsidieaanvraag van MijnVoorouders werd in één van de use cases gesproken over het televisieprogramma “Wie Was Wie”.
In oktober 2009 werd WieWasWie via een Europese aanbesteding aanbesteed, partij hadden 2 maanden de tijd om hun offerte in te dienen. Eind november kon STAP beginnen met de beoordeling van de offertes van 6 bedrijven(combinaties). Enkele weken later kregen de aanbieders de kans zichzelf en hun aan bieding te presenteren aan de stuurgroep.

2010 Start ontwerp en bouw
Begin februari 2010 werden er een viertal werkgroepen ingesteld met deelnemers van de deelnemende archieven. Zij zouden zich buigen over Communicatie & PR, Usability & Design, Content & Collectie en Datamodel, Standaarden & Migratie.
De bouw kon echter nog niet aanvangen. STAP wilde in het aanbestedingstraject gunnen aan het consortium DEVENTit / Gridline / Q42 / Fabrique. De combinatie HintTech / Mindbus had echter bezwaar gemaakt, omdat GridLine, één van de partijen in het consortium, in 2009 in opdracht van STAP het technisch bestek had geschreven en een kostenraming had gemaakt (die niet in de aanbesteding aan partijen was verstrekt). In april 2010 deed de rechtbank in Amsterdam uitspraak in dit kort geding in het voordeel van HintTech / Mindbus. STAP mocht niet overgaan tot gunning aan de combinatie. STAP gunde de opdracht (met een waarde van vier ton) aan HintTech en Mindbus zodat eind mei 2010 de bouw van start kon gaan.
In een kick-off zijn alle partijen aan de slag gegaan om een kleine honderd functionaliteiten van WieWasWie te detailleren. Ook werd op de deelnemersdag besproken wat WieWasWie praktisch en zakelijk voor archieven betekent.
Ook werd er een rechtenonderzoek gestart naar de juridische aspecten van het beschikbaar stellen en (door)verkopen van digitaal erfgoed. In augustus 2010 werd door de Mondriaan Stichting een bedrag van 15 duizend euro toegekend ten behoeve van dit Rechtenonderzoek Digitaal Erfgoed en Cultureel ondernemen. In juni 2011 werden de resultaten van dit onderzoek gepresenteerd op het webblog van STAP.

2011 Bouw en reorganisatie
In februari 2011 werden er HTML-pagina's van het design van WieWasWie opgeleverd door Zicht. Na goedkeuring van het projectteam begonnen HintTech en MindBus met de technische implementatie hiervan.
image
Ook op een ander vlak was er voortgang: eind april vond de eerste datamigratie plaats. De collectie van het VOC werd met succes getransporteerd naar het platform. Aansluitend startte MindBus met de datamigratie van de deelnemers van de Digitale Stamboom. Een en ander vond plaats op basis van het binnen het project ontwikkelde A2A (=Archive To Archive) communicatiemodel.
In augustus 2011 moest STAP na intensief testen concluderen dat nog niet alle functionaliteit voldoende werkte. Het testen van het collectieregistratiesysteem (het deel  van WieWasWie dat door archieven wordt gebruikt) en de gebruikersacceptatietest werden enkele weken uitgesteld. Eind september 2011 werd het startsignaal gegeven voor de eindgebruikerstest van WieWasWie waar een 50-tal vrijwilligers aan meededen.
Na het afsluiten van de gebruikerstest, begin oktober 2010, kondigde het STAP bestuur aan dat het STAP bestuur werd uitgebreid, zodat het bestuur meer draagvlak in het veld kon creëren en bovendien STAP kon klaarmaken voor een verdere ontwikkeling. Omdat dit meer tijd kostte en invloed had op de ontwikkeling van projecten die door STAP werden geleid besloot het STAP bestuur de lancering van WieWasWie uit te stellen.
Eén van de wijzigingen die werd doorgevoerd was dat het STAP projectteam van Amsterdam verhuisde naar het Nationaal Archief in Den Haag, ook kreeg STAP een nieuwe interim directeur (vanuit het Nationaal Archief).

2012 Live-gang en exploitatie
In januari 2012 werd gemeld dat STAP in gesprek was met het CBG over het beheer en exploitatie van WieWasWie. Overigens werd hier al in juni 2011 naar gehint in een brief over Informatie- en communicatietechnologie van de staatssecretaris van OC&W en minister van Binnenlandse Zaken (BZK). Hierin werd geschreven dat de collecties en dienstverlening op gebied van de genealogie door het Nationaal Archief zou worden ondergebracht bij het CBG. De rijksbijdrage aan het CBG - vanaf 2012 zo'n 1,8 miljoen euro per jaar - zou primair worden ingezet voor beheer en onderhoud van de ontwikkelde digitale infrastructuur zoals WieWasWie.
Medio april 2012 gaat WieWasWie live. Dit zal een mooi moment zijn voor STAP (projectteam, bestuur en deelnemende archieven) en voor de Nederlandse genealoog! 
De toekomst zal leren of:
  • WieWasWie een robuust platform is dat grote gebruikersaantallen aan kan;
  • het CBG geëquipeerd is om de exploitatie van WieWasWie uit te voeren;
  • het via een abonnement betalen voor scans gehandhaafd blijft of dat er op den duur ook voor zoekresultaten & informatie betaald moet worden;
  • de scans van de Burgerlijke Stand die FamilySearch gratis beschikbaar stelt op zwart gaan voor de Nederlandse genealoog of niet;
  • de ontwikkeling van WieWasWie niet stopt maar door gaat, zowel qua functionaliteit als scans van akten;
  • het aantal archieven dat gebruik maakt van WieWasWie gaat groeien;
  • de gebruikers tevreden zijn met de opvolger van Genlias (en de Digitale Stamboom).
image
Heeft u aanvullingen of correcties op deze chronologie? Ik hoor ze graag via de reacties!


[Update 2 juli 2012] WieWasWie is vandaag live gegaan! Lees ook WieWasWie – wat zit er op dag één in?